Naar de maan en terug met Scorsese en Meliès

14 feb

Zou het toeval zijn? Op het International Film Festival Rotterdam (IFFR) van 2012 gingen zowel ‘Hugo’, de nieuwe film van Martin Scorsese als een gerestaureerde versie van Georges Meliès’ vroege filmklassieker ‘Le Voyage Dans la Lune’ in première. En die films hebben aardig wat met elkaar te maken.

Het duurt wel even voor dat de overeenkomsten zich openbaren bij het bekijken van ‘Hugo’. De film speelt zich af in een Parijs’ treinstation in de jaren ’30, waar een jonge wees – uiteraard Hugo genaamd – zich na het vermist raken van zijn oom en voogd ontfermt over alle klokken. Gelukkig houdt de jongen wel voor een beetje geknutsel, waardoor hij ook nog tijd over houdt om een fascinatie te ontwikkelen voor de automaton – een zelfbewegende primitieve robot – die zijn vader hem heeft nagelaten. Deze mist echter enkele onderdelen, dus moet Hugo bij de knorrige speelgoedwinkeleigenaar wat boutjes en moertjes zien te klauwen.

Het boeiendst van de film is misschien nog wel dat de levende legende Scorsese zich voor het eerst aan 3D waagde. Nu kwamen er vorig jaar ook al een aantal zeer interessante tot buitengewoon goede 3D-films uit van grote namen, maar wat mij betreft kan niemand uit het rijtje Wenders, Herzog en Spielberg aan Scorsese’s output van wereldfilms tippen. Gelukkig stelt hij geenszins teleur met ‘Hugo’: met zichtbaar plezier stort hij zich op de peilloze diepten van het 3D-beeld en voert hij de kijker door mensenmassa’s, spelonken, klokkenmechanismen en sneeuwbuien. Meerdere malen wordt Hugo achtervolgd door de sadistische gendarme (een niet zo boeiende Sasha Baron Cohen) die in het station orde en tucht wil bewaken, en deze scènes zijn bij vlagen adembenemend. Scorsese is als een kind in een snoepwinkel met deze filmische innovatie; onder zijn leiding wordt het driedimensionale aspect daadwerkelijk een toevoeging die betoverend werkt. Dat kan niet elke early adapter van 3D zeggen, ben ik bang.

Het verhaal, een verfilming van een boek van Brian Selznick (familie van de legendarische filmproducent David O. Selznick), is verder een beetje kinderlijk en voorspelbaar; de eenzame wees ontmoet een schattig meisje annex boekenwurm, samen ontdekken ze de wereld, ze heeft een hartvormige sleutel die zijn automaton weer aan de praat krijgt, iedereen gelukkig et cetera. Het Disneygehalte is behoorlijk hoog, allerminst gehinderd door de Kerstsfeer van sneeuwvlokken, knisperende haardvuren en aanzwellende strijkorkesten. Het wil nog wel eens neigen naar iets te veel van het goede, maar als visueel vernieuwend spektakel stelt de film allerminst teleur.

Mijn gehele recensie van de film van je hier.

Maar dan hebben we die speelgoedwinkeleigenaar nog. Die heet papa Georges, en dan begint het al te dagen voor iedereen die heeft opgelet bij het lezen van de eerste alinea net: dat is natuurlijk Georges Meliès, oud en verbitterd geraakt nadat zijn filmproductiemaatschappij ter ziele is gegaan en zijn filmstijl compleet uit zwang is geraakt. Zo verging het de echte Meliès ook, en net als toen in de jaren ’30 kwam er gelukkig gerechtigheid voor de oude meester die in de uiterste begintijd al de meest magische trucages uithaalde met film, toen de gebroeders Lumière nog simpele treinen filmden. Hij werd gerehabiliteerd en zijn werk is sindsdien gecanoniseerd als verbijsterend goed pionierswerk.

We hebben er een eeuw op moeten wachten, maar nu weten eindelijk dat dat maanbloed.... rood is.

Gelukkig maar, want daar hebben we het nu aan te denken dat onlangs een volledig gerestaureerde kleurenkopie van zijn beroemde meesterwerk ‘Le Voyage Dans la Lune’ uitgebracht is. In zwart-wit was hij al wereldberoemd, maar toen ruim een decennium geleden plotseling een half vergane kleurenprint in Catalonië opdook was het opeens mogelijk de film in zijn verloren gewaande glorie te herstellen. En ja, daar is men dus echt meer dan tien jaar mee bezig geweest.

Dat was in Rotterdam te zien in de bijgevoegde documentaire ‘The Extraordinary Voyage’, waarin uit de doeken wordt gedaan hoe dat afgrijselijk precieze karwei geklaard is. Het is interessant om te zien, maar het duurt niet lang voordat je niet meer kun wachten om het echte werk te mogen aanschouwen. Dat zal nooit teleurstellen, en de felle kleuren doen de extravagante trucages en decors volledig recht. De muziek van Air die erbij werd gespeeld was niet erg memorabel, maar kon niet voorkomen dat zelfs voor mensen die ‘La Lune’ al een handvol keren gezien hebben het een zeer aangenaam weerzien was.

Dat Scorsese juist dit verhaal, dat eigenlijk een gecamoufleerde biopic van cq. ode aan Meliès is, in 3D heeft gefilmd is dan eigenlijk volkomen logisch en terecht. De parallel is overduidelijk: zoals Meliès ruim een eeuw geleden de grenzen van de mogelijkheden van de cinema opzocht met vernieuwingen als gezichtbedrog en montage, doet Scorsese nu hetzelfde met film in 3D. Natuurlijk is de revolutie stukken minder klein –de wet van de remmende voorsprong betekent dat het eerste decennium van de cinema veel meer revolutionaire nieuwigheden konden worden geïntroduceerd dan honderd jaar later –, maar ergens is het een interessant doortrekking van dezelfde ambitie. ‘Hugo’ toont aan dat er met 3D verfrissende, inspirerende nieuwe varianten van cinema mogelijk zijn. Het is een compliment waard dat Scorsese na zo’n rijke carrière nog zo hongerig is naar zo’n mate van innovatie. Voor ‘Hugo’ is hij genomineerd voor onder andere een Oscar voor de beste regie, en het zegt veel dat hij als een van de favorieten daarvoor mag worden gerekend.

Advertentie
%d bloggers liken dit: